Het Participatiehuis stelt dagelijks alles in het werk om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt terug mee te laten doen in de maatschappij. Het hoogste doel is een baan op de reguliere arbeidsmarkt. De eerste stappen richting dat doel worden gezet in de Werkplaats. Wij namen een kijkje bij de Werkplaats én werkten mee.

Edwin (21), Sirak (22), Samia (28) en Saïd (32) werken vandaag samen. Ze moeten een nagel in een plugclip steken en zo de plugs per 100 verpakken, terwijl een andere groep schoonmaakdoekjes vouwt en verpakt. Een stoel wordt bijgezet en we mogen meehelpen. Gelukkig is kletsen onderling niet verboden. Dat leidt wat af van het werk en zo gaat de tijd goed vooruit. Edwin vertelt dat hij uit Aruba komt. Sirak en Samia uit Eritrea en Saïd is zes maanden vanuit Syrië via Griekenland in ons land terechtgekomen.

Spareribs

Praten over de oorlog of andere redenen voor hun vlucht naar Nederland, doen we vanmiddag niet. Wel over de spareribs met frieten die Edwin vanavond gaat klaarmaken en de aardappelen die bij Saïd op het menu staan. Maar ook hoe Saïd probeert om de sociale mentaliteit uit zijn land hier over te brengen, maar toch vaak bot vangt bij ons gesloten Nederlanders. “Dat is jammer. Ik doe mijn best om hallo te zeggen tegen voorbijgangers, maar dan zeggen ze niets terug. Of ze roepen: “Hé allochtoon”. Och, dan zeg ik: ”Dank je wel”.”

Werkervaring

Of ze het leuk vinden in de Werkplaats? Er komt geen volmondige ‘ja’ uit, maar wel dat het hier best oké is. Ze doen hier in ieder geval werkervaring op en pakken weer een werkritme op. En dat beseffen ze heel goed. Dat er eens iemand van de gemeente met hen meewerkt, vinden ze wel apart. “Jij bent de eerste die hier met ons meewerkt”, klinkt het. “Wel leuk! Kom je morgen ook weer”, vragen ze alvast. Werkbegeleider Richard Zeekaf krijgt zelfs een standje. Dat hij ook maar eens moet komen meewerken. Op een gemoedelijke manier weliswaar. Want zo gaat het hier aan toe. Gemoedelijk, om toch die drempel laag te houden.

Motivatie

Richard vertelt dat ze hem wel eens baas noemen. “Maar ik ben geen baas. Ik heb enkel andere verantwoordelijkheden. Ik moet zorgen dat de drempel laag blijft voor hen en zij het gevoel krijgen dat ze makkelijk aan werk komen. Daar mogen ze mij voor gebruiken en dat laten zien.” Drie maanden heeft hij hen onder zijn vleugels. Kunnen ze hem laten zien wat ze wel of niet kunnen. “Daarnaast voer ik motivatiegesprekken met hen om ze naar een hoger plan te krijgen. Edwin is bijvoorbeeld klaar voor de eindcontrole. Dat betekent dat hij ook meer verantwoordelijkheid krijgt en moet zorgen dat de mensen aan ‘zijn’ lijn ook doorwerken. Ik zie veel potentie in hem.”

Aanloop

Na 12 weken volgt er een evaluatiegesprek. Op dat moment zou de betreffende persoon klaar moeten zijn voor de arbeidsmarkt. “Want hier krijgen ze de mogelijkheid om vooruit te komen. Als ze willen, tenminste. Helaas lukt dat niet altijd. Ik merk dat vooral jongeren vaak een enorme aanloop nodig hebben en erg moeten wennen aan dit regime. Het gaat hier vaak om jongeren die een bepaald leven leiden, waarbij ze geen notie hebben van dag en nacht en hun leven wordt bepaald door blowen en gamen.” Maar met deze groep ziet hij het helemaal goed komen. De promotie van Edwin en de motivatie van de anderen stemmen Richard gelukkig. “En ik blijf mijn best doen om hen in hun kracht te zetten, elk op hun eigen manier”, besluit hij.