“Het is echt maatwerk”

WSP Sittard-Geleen en de zorg voor kandidaten
Juist voor de coronamaatregelen alle planningen overhoop gooiden boden Zuyderland en VluchtelingenWerk Zuid-Nederland in samenwerking met het WerkgeversServicePunt (WSP) van de gemeente Sittard-Geleen voor de tweede keer een voorschakeltraject aan voor statushouders/migranten die een startkwalificatie Helpende Zorg en Welzijn niveau 2 willen halen.
 
Het WSP Sittard-Geleen had ook een essentiële bijdrage in het succes van het eerste traject waarmee inmiddels 22 kandidaten werden afgeleverd. Een niet onaanzienlijk deel van hen werd door of via het WSP geworven.
Dat was die eerste keer nog niet zo eenvoudig. Het traject was nog in ontwikkeling, het project nog onbekend en lang niet alle geschikte kandidaten bleken per definitie in de aanwezige bestanden voor te komen.
Succes maakt enthousiasmeren eenvoudiger

Het werven van de kandidaten voor deze tweede lichting is gemakkelijker geworden.
Yvonne Cootjans, werkgeversadviseur bij het WSP: “Toen ik ermee begon moest ik alles uit de kast halen om mensen erop attent te maken of te interesseren.
Het idee was dat het gewoon om een vacature ging, maar uiteindelijk werd het belang duidelijk en wordt het echt gedragen. Ik heb er hard aan gewerkt om iedereen te laten snappen wat het belang is en dat het een duurzaam initiatief is.
Kandidaten krijgen een opleiding, werken aan hun taal en aan allerlei vaardigheden, ze integreren, bouwen aan een eigen identiteit en uiteindelijk, als ze het diploma halen, krijgen ze een baan voor onbepaalde tijd.
Dat zijn wel zaken die mij helpen om mensen te enthousiasmeren.”
“Het project is inmiddels veel bekender geworden en er is veel ruchtbaarheid aan gegeven. Iedereen kent het, van hoog tot laag in de organisatie.
Ook alle gemeenten in Limburg kennen het. We krijgen nu ook kandidaten via praktijkbegeleiders bij zorgorganisaties die geschikte vrijwilligers naar ons verwijzen.
Eigenlijk weten ze ons nu vanuit alle kanalen te vinden. Die bekendheid helpt, maar ook het feit dat het project succesvol is draagt natuurlijk bij.
Als dat niet het geval zou zijn, waren mensen waarschijnlijk minder enthousiast.”
 
Wat versta je onder succes in dit verband?

“Dat we een klas van 20 leerlingen vol hebben gekregen en dat vier daarvan naar een hoger opleidingsniveau konden overstappen.
Van enkele kandidaten was het taalniveau onvoldoende, die zijn wel uitgevallen, maar kunnen in het volgend traject instromen doordat ze in de tussentijd een contract als woonhulp kregen aangeboden.
Zo worden ze toch behouden voor de zorg binnen Zuyderland.
De eerste lichting kandidaten werden met een introductiebijeenkomst in Sittard voorgelicht over de mogelijkheden van het traject.
 

Taal blijft punt van aandacht

Taal blijft dus een punt van aandacht, ook bij de selectie van nieuwe kandidaten.

Yvonne: “Dat merken we bij alle statushouders die we plaatsen, de eerste vraag van de werkgevers is altijd: hoe is het met de taal. Niet zozeer uit welk land iemand komt of welk geloof iemand heeft, het gaat eigenlijk vooral om taal.”

Niet de cultuur?

“Nee, werkgevers zijn daar over het algemeen heel pragmatisch in. Met taal moet je communiceren en dat is direct van invloed op het functioneren. Denk aan VCA-diploma’s of het lezen van werkinstructies, daar kijkt een werkgever naar.

Het is ook vaak moeilijk om ze te overtuigen dat iemand een goede kandidaat kan zijn, ook al is het taalniveau aanvankelijk nog wat minder.

Eenmaal aan het werk gaat dat trouwens meestal erg snel omhoog.”


“Als je als persoon niet het enthousiasme of de passie hebt voor de doelgroep, dan is het heel hard werken om iets geregeld te krijgen. Het beste is om het project te draaien met mensen die hart hebben voor de doelgroep; zonder dat kom je nergens. Maar dat geldt voor al onze vacatures. Als wij een werkgever aanspreken die totaal geen interesse heeft in de kandidaat dan houdt het al meteen op.”

Taalcoaching maakt het verschil

Het aanvangsniveau om aan het traject deel te nemen blijft A2, bij voorkeur B1.

Het blijkt dat mensen die heel wankel beginnen door de opleiding en de omgeving empowered worden om de taal te gaan spreken. Daardoor maken ze in korte tijd vaak al grote vorderingen. Dat pleit ervoor om enigszins flexibel met dat taalcriterium om te gaan.

“Mensen die in het traject zitten horen de hele dag door Nederlands en zijn ook gedwongen in het Nederlands te antwoorden. Dat is essentieel.

Als iemand de inburgering gehaald heeft zou hij of zij de taal voldoende moeten beheersen om aan het werk te kunnen. Maar als je daarna maanden thuis op de bank zit en alleen je eigen taal spreekt, zakt dat gauw weer weg.

Om het Nederlands levend te houden helpt niets zo goed als een traject waarbij je het de hele dag spreekt.”

“Als vanaf het begin extra taalcoaching wordt ingezet, maakt dat echt verschil en dat is ook wat we in zo’n geval altijd adviseren. Toch zien we dat inderdaad de mensen bij wie we al twijfel hadden over het taalniveau ook degenen zijn die uitvielen.

Ik denk dat we daar nu wat meer naar zullen kijken, maar uiteindelijk is het aan Zuyderland om de keuze te maken of ze het al dan niet aandurven.”


“De taalcoaching wordt zoals we nu hebben afgesproken geregeld door de instantie die de kandidaat aanmeldt. Dat kan een gemeente zijn, of VluchtelingenWerk.

En hetzelfde voor het regelen van de andere randvoorwaarden. Dat is een afspraak die we hebben ingevoerd op basis van de ervaringen met de eerst lichting.

Het staat nu ook zo op het screeningsformulier. We checken wat daar is ingevuld en koppelen vragen terug naar de aanbieder. We zijn daar wat kritischer in geworden.”

Werkgeversadviseur Yvonne Cootjans van het WSP Westelijke Mijnstreek: “Als vanaf het begin extra taalcoaching wordt ingezet, maakt dat echt verschil.”
Het belang van overall begeleiding

“Ook heel belangrijk is de overall begeleiding. Onze jobcoach die exclusief voor deze kandidaten beschikbaar is en de praktijkbegeleiding van Gilde.
Normaal is het alleen werkgerelateerde coaching, maar we zetten het ook in als we hier merken dat privéomstandigheden een kink in de kabel dreigen te vormen.
Officieel gaat het om coaching op houding en gedrag, maar in de praktijk is het veel breder.
Als iemand uit huis gezet dreigt te worden kun je niet verwachten dat hij of zij zich op de studie kan concentreren. Ook daarin proberen we kandidaten bij te staan.”
Wat zijn de voornaamste thema’s qua houding en gedrag?

Yvonne: “Dat scheelt heel erg per individu en waar iemand vandaan komt.
Iemand uit Eritrea moet assertiever worden, zich leren uitspreken. Kandidaten uit andere landen moeten vaak juist wat rustiger worden.
We werken met mensen uit allerlei landen, van de Filippijnen, Marokko of Eritrea tot Syrië en Somalia. Je hebt als jobcoach dus een breed repertoire nodig en moet van al die landen een beetje de culturele achtergronden kennen.
Je moet je er dus in verdiepen en in veel gevallen betekent dat vooral veel vragen stellen om zaken boven tafel te krijgen.
Het is echt maatwerk. En arbeidsintensief.
Onze jobcoach wordt ook op haar vrije dagen benaderd met vragen en werkt dus ook buiten haar uren voor dit project. Het beantwoorden van zo’n spoedvraagje kan een groot verschil maken, maar het is wel intensief.
Ook hier zie je hoe belangrijk het is dat iemand persoonlijke betrokkenheid ervaart. Je hebt echt de betrokkenheid van alles en iedereen om je heen nodig om er een succes van te maken.”

WSP Sittard-Geleen als centraal aanmeldpunt
 
Om te voorkomen dat werkgever Zuyderland met allerlei verschillende partijen afspraken moet maken is afgesproken dat de gemeente Sittard-Geleen als centraal aanmeldpunt fungeert bij de tweede lichting, waarvoor de werving eerder dit jaar is gestart
.
Alle kandidaten worden bij het WSP Sittard-Geleen gescreend. “Als we twijfels hebben bespreken we die met Zuyderland, want dat is de partij die uiteindelijk de beslissing neemt.
 
Als ze vragen hebben kunnen ze die bij ons neerleggen en wij spelen ze dan weer door naar de betreffende partij. In die zin ontzorgen we Zuyderland en dat is belangrijk omdat er veel aspecten en partijen bij komen kijken. Als je dat versnippert raak je het overzicht kwijt en wordt het te complex.”
 
Kunnen andere gemeenten ook bij jullie terecht voor informatie als ze een eigen traject willen starten?
 
“Dat is uiteraard geen probleem. Er staat natuurlijk al heel veel informatie over hoe je zaken kunt aanpakken op de website www.idz-udz.eu, maar wij geven graag nog aanvullende input. Dat is een dienstverlening die bij het project hoort.
 
Het is een prachtig initiatief en we proberen dat samen met de projectpartners uit te dragen in de hoop dat andere partijen het oppikken.”

Gedetailleerde afspraken helpen om de snelheid erin te houden

Gevraagd naar de belangrijkste succesfactor van het project onderstreept Yvonne dezelfde aspecten die ook haar collega’s bij Zuyderland, Gilde Opleidingen en VluchtelingenWerk benoemen: de kwaliteit van de onderlinge samenwerking tussen de partijen.
Yvonne: “Het is een pilot en we maken allemaal wel eens fouten, maar door ieders commitment en het blijven communiceren loopt het nooit vast.
Goede afspraken maken en blijven communiceren, dat is essentieel.
We hebben een stappenplan uitgewerkt met ieders taken en verantwoordelijkheden in elke fase tot in detail uitgewerkt, waardoor we onduidelijkheden zoveel mogelijk voorkomen.
Het beschrijven heeft best wat tijd gekost, maar we kwamen erachter hoe belangrijk het is om dat houvast te hebben om misverstanden te voorkomen en de snelheid erin te houden.”
Toekomstbestendig stroomschema voor andere partijen
“In het stroomschema hebben we alles ondergebracht wat er tijdens het traject aan de orde komt. Als je de naam WSP of Zuyderland zou vervangen door die van een andere partij dan heb je een heel aardige blauwdruk.
Uiteraard zullen er aanpassingen nodig zijn, maar het vormt een prima leidraad voor andere partijen die met zo’n traject aan de slag willen.”

Het stroomschema waarnaar Yvonne verwijst wordt voorbereid om in het najaar beschikbaar gesteld te worden via deze website.